
| Warmte-index (°C) | Gevaren |
|---|---|
| 26.7 - 32.2 | Pas op. Vermoeidheid mogelijk bij langdurige blootstelling en-of fysieke inspanning. |
| 32.2 - 40.6 | Pas erg goed op. Zonnesteek, hittekrampen, uitputting mogelijk bij langdurige blootstelling en-of fysieke inspanning. |
| 40.6 - 54.4 | Gevaarlijk. Zonnesteek, hittekrampen waarschijnlijk. Hitteberoerte mogelijk bij langdurige blootstelling en-of fysieke inspanning. |
| > 54.4 | Extreem gevaarlijk. Hitteberoerte of zonnesteek zeer waarschijnlijk bij langdurige blootstelling. |
Deze waarde wordt berekend door de combinatie van de luchttemperatuur,
vochtigheid en waterdampdruk.
De waterdampdruk E wordt berekend in hPa (mB) en dit blijkt een hele
nauwkeurige formule te zijn voor temperaturen groter dan 0 °C.
Echter, de humidex is pas zinvol als zijn waarde groter is dan 30. Dit treedt
op bij luchttemperaturen boven de 23 °C en een dauwpunt van 15 °C of hoger.
| Humidex (°C) | Situatie |
|---|---|
| 20 - 29 | Comfortabel |
| 30 - 39 | Wisselende mate van onbehagen |
| 40 - 45 | Oncomfortabel |
| >= 46 | Veel soorten werk moeten worden beperkt |
| Warmteverl. W/m2 |
Gevaar |
|---|---|
| <800 | zeer laag |
| 800-1200 | laag |
| 1200-1600 | gemiddeld |
| 1600-2000 | hoog |
| 2000-2150 | zeer hoog |
| >2200 | extreem |
De zonkracht wordt uitgedrukt in de waarden van 0 t/m 16, een UV-index die ook in andere landen wordt gebruikt. In landen dichtbij de evenaar en in de bergen kan de zonkracht hogere waarden halen. In de tabel hieronder staat bij elke waarde een omschrijving van de zonkracht en het aantal minuten zon dat iemand met huidtype 2 dan midden op de dag kan verdragen.
De meeste Belgen en Nederlanders hebben dit huidtype. Iemand die zeer snel
verbrandt (huidtype 1) kan 2/3 van het vermelde aantal minuten onbeschermd in
de zon verblijven, iemand met huidtype 3 ongeveer 2 maal zo lang en met
huidtype 4 ongeveer 3 maal zo lang.
Huidtypen
| Huidtype |
Verbrandings- ervaring | Bruinings- ervaring | Vaak voorkomende uiterlijke kenmerken |
| 1 | Verbrandt zeer snel | wordt niet bruin | Zeer lichte huid, vaak met sproeten, rossig of licht blond haar, blauwe ogen |
| 2 | Verbrandt snel | Wordt langzaam bruin | Lichte huid, blond haar, lichte ogen |
| 3 | Verbrandt zelden | Wordt gemakkelijk bruin | Lichte getinte huid, donkerblonde tot bruine haren, vaak donkere ogen |
| 4 | Verbrandt bijna nooit | Bruint zeer goed | Getinte huid, donkere haren en ogen |
De zonkrachtschaal
| Zonkracht | Omschrijving | Niet-langer onbeschermd in de zon dan … minuten | Huid verbrandt |
| 1 - 2 | vrijwel geen | 100 - 50 | |
| 3 - 4 | zwak | 35 - 25 | |
| 5 - 6 | matig | 25 - 15 | gemakkelijk |
| 7 - 8 | sterk | 15 - 10 | snel |
| 9 - 10 en hoger | zeer sterk | minder dan 10 | zeer snel |
Het vermelde aantal minuten geldt voor een huid die nog niet gewend is aan
de zon. Is de huid gewend dan duurt het iets langer voor deze verbrandt. U
hoeft de getallen niet te onthouden, u kunt ze eenvoudig berekenen met uw
persoonlijk zonkracht-getal.
Uw persoonlijk zonkracht-getal
Het aantal minuten dat u verantwoord in de zon kunt verblijven, is
gemakkelijk te berekenen. Hieronder staat voor elk huidtype een bijbehorend
zonkracht-getal. Alleen dat hoeft u te onthouden. U deelt dit getal door de
zonkracht (UV-index) en weet dan het aantal minuten.
| Huidtype 1 Maximale tijd in de zon = 67 minuten / zonkracht |
Huidtype 2 Maximale tijd in de zon = 100 minuten / zonkracht |
| Huidtype 3 Maximale tijd in de zon = 200 minuten / zonkracht |
Huidtype 4 Maximale tijd in de zon = 300 minuten / zonkracht |
Voorbeeld: u hebt huidtype 3, dus uw zonkracht-getal is 200. Is het nu
zonkracht 7, dan kunt u 200: 7= ca. 30 minuten verantwoord in de zon
verblijven. Wilt u/ moet u langer in de zon zijn, dan moet u zich op een goede
manier tegen UV-straling beschermen.
De kracht van de zon wordt ook wel uitgedrukt in de UV-index, die in
Nederland kan variëren van 1 t/m 10. In landen dichter bij de evenaar en in
de bergen kan een hogere UV-index voorkomen. De UV-index is mede bepalend
voor adviezen over zonnebaden.
De effecten van UV straling
Ultraviolette straling (UV-straling) wordt op zijn beurt weer ingedeeld in 3
soorten: UV-A, UV-B en UV-C. De dampkring houdt het grootste deel van de UV
straling tegen. Vooral de ozonlaag speelt hierin een belangrijke rol en dat
is maar goed ook. UV straling kan de huid ernstig kan beschadigen. Hoewel je
de UV stralen dus niet ziet hebben ze veel effect op je lichaam. Zowel
positieve als negatieve.
Positief is dat ze de aanmaak van Vitamine D stimuleren, bacteriën doodt en
je stemming een oppepper geeft. UV-straling heeft, mits goed gedoseerd, een
ontstekingsremmende werking op de huid.
Overdadig veel blootstelling aan UV stralen beschadigt je huid echter
onherstelbaar. Ultraviolette stralen zijn een beruchte ‘sloper’ van elastine
vezels en bindweefsels. De straling breekt het elastine in vele kleine
stukjes. Net als een elastiekje dat lang in de zon heeft gelegen. Dit wordt
bros en breekt bij het oprekken vrijwel direct. Veelvuldige blootstelling
aan zonlicht geeft dus versnelde afbraak van elastine in de huid. Dit leidt
tot eerdere en meer uitgebreide rimpelvorming. Erger nog, kan de straling
huidkanker veroorzaken. Er werd gedacht dat alleen zonlicht met UV-B
straling schadelijke effecten met zich meebrengt. Nu blijkt dat ook UV-A
straling huidkanker kan veroorzaken.
Bescherming tegen UV-straling
Gezien het risico op huidverbranding, ontwikkeling van huidkanker, en
vervroegde veroudering van de huid is het belangrijk om de huid niet te veel
bloot te stellen aan UV-straling. Wanneer je toch langere tijd aan de zon
wordt blootgesteld, zoals tijdens je vakantie is een goede bescherming
noodzakelijk.
Speciaal voor jongere kinderen (tot 16 jaar) is optimale bescherming van
belang, omdat bekend is dat zonneschade aan de jonge huid een extra groot
risico op huidkanker op latere leeftijd veroorzaakt.
Hoe word ik eigenlijk bruin?
Onze huid is opgebouwd uit meerdere lagen: de opperhuid (de
buitenste laag)m de lederhuid en de onderhuid. De opperhuid bestaat weer uit
twee lagen: de hoornlaag (een dode buitenlaag) en de kiemcellenlaag die uit
levende cellen bestaat. Bruin worden is niets anders dan een beschermfunctie
van de huid tegen zonnestraling.
De huid probeert zichzelf te beschermen tegen de UV-straling. Dit gebeurt
door het aanmaken van pigment dat in de cellen van de opperhuid wordt
gelegd. Zo ontstaat een 'parasol' van pigment (melanine) die de cellen in de
basis van de opperhuid afschermt tegen de UV-straling. Hierdoor wordt de
kans op ontstaan van schade aan het DNA sterk verminderd. Dit proces kennen
wij als 'bruinen'. Mensen die moeilijk pigment aanmaken (zeer blonde mensen
of mensen met rood haar) zijn dus nauwelijks in staat die beschermende
pigment-paraplu te vormen en hebben dus een veel groter risico op het
krijgen van huidkanker dan mensen die wel makkelijk bruin worden, of die van
nature al een donkere huid hebben.
Kinderen
De kinderhuid is een verhaal apart. De kinderhuid is extra gevoelig voor
zonnestralen. Bij volwassenen bestaat een bepaalde laag van de huid uit dode
huidcellen die een barrière vormen tegen straling, uitdroging en het
binnendringen van vreemde stoffen. Bij baby's ontbreekt deze zogenaamde
hoornlaag. Deze wordt pas in de loop der jaren gevormd. Tot ongeveer het
vierde levensjaar is de hoornlaag onvoldoende ontwikkeld om als bescherming
te dienen, zowel tegen UV-straling als tegen uitdroging.
Een ander beschermingsmechanisme is de vorming van melanine (een bruine
kleurstof) onder invloed van de zon. Kleine kinderen vormen bijna geen
melanine waardoor er te weinig pigment ontstaat om afdoende bescherming te
bieden. Baby's en kinderen tot 15 jaar zijn extra gevoelig voor UV-straling.
Blootstelling aan overmatige UV-straling kan schade op de lange termijn
teweeg brengen.
Extra bescherming in de vorm van een zonnebrandcrème met een hoge
beschermings-factor en het dragen van kleding is daarom noodzakelijk.
Het gebruik van bruiningsapparatuur voor kinderen tot 15 jaar wordt ten
sterkste afgeraden.
Zonnebrillen
Ook de ogen kunnen door UV-straling worden beschadigd. Draag daarom
zonnebrillen met een goed UV-filter. Koop voor kinderen nooit
speelgoedzonnebrillen zonder goed UV-filter. Deze zijn schadelijker dan
helemaal geen zonnebril dragen, omdat de iris door het wegvangen van het
zichtbare licht extra open gaan staan zodat het UV, dat dwars door de glazen
(of het plastic) heen gaat, extra eenvoudig tot in het oog kan doordringen.
Zonnebrandcrème
Zonnebrandcrème is een effectieve manier om de huid te beschermen tegen
UV-straling. Elke zonnebrandcrème geeft een bepaalde graad van bescherming.
Dit staat altijd op de verpakking vermeldt en wordt de Sun Protection Factor
(SPF) genoemd.
Sun Protection Factor (SPF)
De SPF of beschermingsfactor, in het Nederlands meestal kortweg ‘de factor’
genoemd, geeft aan welke mate van bescherming de zonnebrand geeft. Een
voorbeeld maakt het beste duidelijk wat de factor betekent: Iemand met
huidtype 2 verbrandt in de middagzon na ongeveer 20 minuten. Wanneer een
zonnebrandcrème wordt gebruikt met een SPF van 12 treedt de zonverbranding
pas op na 12 x 20 minuten, dus na 4 uur. Deze persoon zal dus met deze
zonnebrandcrème na 4 uur verbranden, ook al heeft hij zich goed ingesmeerd.
Kiezen van een zonnebrandcrème
De beschermingsfactor van de zonnebrandcrème moet dus met zorg worden
gekozen. Wanneer het gaat om optimale bescherming en verder niets, is een
crème met een zeer hoge SPF de beste keus.
Is het doel echter om op een zo veilig mogelijke manier bruin te worden moet
een crème met een lagere factor gekozen worden. Wanneer de blootstelling aan
de zon slechts kort zal zijn kan een relatief lage SPF gekozen worden, bij
langere blootstelling moet weer voor een crème met een hogere SPF gekozen
worden.
Omdat de huid van kinderen extra gemakkelijk beschadigd kan worden door
UV-straling moeten kinderen altijd optimaal beschermd worden met een hoge
factor.
Naast de zonnebrandcrème zijn er ook bruiningsproducten en snelbruiners
verkrijgbaar. Bruiningsproducten bespoedigen het bruin worden in de zon. Ze
zijn echter niet geschikt voor een langdurig verblijf in de zon. Als je dit
soort middelen gebruikt, dient je zich daarnaast ook nog te beschermen tegen
UV-straling. Snelbruiners zijn producten die uw huid bruinen zonder zon. Zij
bieden geen enkele bescherming tegen UV. De onderstaande tabel geeft een
indicatie welke crème voor welke huid het meest geschikt is:
| Huidtype 1/Kinderen tot 16 jaar | factor 30/Sunblock |
| Huidtype 2 | factor 15-20 |
| Huidtype 3 | factor 10-15 |
| Huidtype 4 | factor 5-10 |
Hoeveel moet ik smeren?
Voor personen met huidtype 1 of bij sommige huidafwijkingen kan een sunblock
zinvol zijn. Bedenk echter dat ook een sunblock niet alle UV-straling kan
tegenhouden.
Om de bescherming te krijgen die de zonnebrandcrème belooft te geven moet de
crème vrij dik op de huid worden aangebracht. Zuinig smeren geeft een veel
lagere protectiefactor dan op de verpakking vermeld staat. Precieze
richtlijnen over hoeveelheden toe te passen crème zijn niet te geven maar
een 'hand vol' voor elke insmeerbeurt van de gehele huid is niet overdreven.
Hoe vaak moet ik smeren?
De kwaliteit van zonnebrandcrèmes is de laatste jaren sterk verbeterd. Als
je een zonnebrandcrème gebruikt, kun je deze het beste een half tot één uur
voor je in de zon gaat opbrengen. Na twee uur dienen ze opnieuw worden
aangebracht. Dit geldt ook voor de zogeheten ‘waterproof’ middelen. Breng de
crème eveneens opnieuw op na het zwemmen of bij sterke transpiratie. Dit
wordt versneld door het dragen van kleding, liggen in het zand en zwemmen.
De ‘waterproof’ crèmes blijven beter op de huid zitten na watercontact, maar
het blijft noodzakelijk om de huid regelmatig in te smeren. Omdat
zonnebrandcrème vaak pas na een half uur optimaal werkt is het verstandig de
crème steeds tijdig aan te brengen.
Hoe is zonnebrand nog meer te voorkomen?
Om zonnebrand te voorkomen, moet je ervoor zorgen dat je huid goed beschermd
is.
Een goede bescherming van de huid betekent een goede bescherming tegen UV-A
en UV-B-stralen. Een aantal belangrijke adviezen zijn:
• Tussen 12.00 en
15.00 uur is de zon het felst. Deze periode kun je beter niet zonnebaden.
• Laat de huid geleidelijk aan de zon wennen.
• Draag beschermende kleding zoals een hoed of pet met zonneklep, een shirt
met lange mouwen, een lange broek en een zonnebril. Natte kleding laat
trouwens meer straling door dan droge kleding.
• Bij een heldere lucht, sneeuw, water of zand wordt straling gereflecteerd,
waardoor deze sterker op de huid werkt.
• Parasols en bewolking laten UV-stralen door, dus ook dan kan bescherming
nodig zijn.
• Gun je huid rust en blijf eens een dag uit de zon.
• De hoeveelheid UV hangt niet af van de temperatuur.
• Hoog in de bergen is er veel meer UV dan op zeeniveau omdat de straling
een minder lange weg door de dampkring hoeft af te leggen. Voor mensen die
houden van berg- en/of wintersport is het zeer belangrijk om te zorgen voor
een goede bescherming.
• Cosmetica kan onder invloed van UV vervelende huidreacties opleveren.
Verwijder daarom alle cosmetica (oogschaduw, lippenstift, deodorant enz.)
voor je gaat zonnen.
• Zon en alcohol gaan slecht samen. Als je gaat zonnen kun je beter geen
alcohol gebruiken. Alcohol verwijdt de bloedvaten nog eens extra. Dit kan
zonnebrand verergeren.
• Blijf jezelf ook beschermen als je eenmaal bruin bent. Een bruine huid
beschermt namelijk niet volledig tegen de negatieve effecten op lange
termijn.
Wat kun je er zelf aan doen?
Na het zonnen is de huid erg gevoelig. Daarom kunt je het beste voorzichtig
douchen en daarbij geen zeep gebruiken, want dit is te prikkelend voor de
huid. Een after sun product kalmeert, verzacht en ontspant de huid.
In de serie huis-tuin-en-keukenmiddeltjes kunnen nog genoemd worden de
verkoelende werking van komkommer en yoghurt. Opbrengen en na een
kwartiertje weer afspoelen.
Na het zonnen kun je beter geen bodymilk gebruiken. Dit heeft alleen een
verzorgende en geen verkoelende werking. Als uw huid erg verbrand is, kan
afkoelen door middel van natte kompressen verlichting bieden. Bij erge pijn
kun je eventueel paracetamol gebruiken.
Hitteslag en
zonnesteek
Een zonnesteek is het gevolg van
te veel zonnestraling op het hoofd en in de nek.
Een hitteslag kan ook zonder sprankeltje zon! Ons koelsysteem kan
falen bij bvb vochtige tropenwarmte (waarbij zweet niet kan verdampen) of
een grote spierinspanning. Een zonnesteek en hitteslag zijn meestal het
gevolg van zout- en vochtverlies.
Wenst u bepaalde waarden zelf te berekenen dan kan u terecht op deze pagina met formules.
© Koen De Vuyst